Je krijgt een offerte voor een nieuw brandmeldpaneel. De leverancier biedt zowel conventioneel als digitaal aan. Het prijsverschil is fors. Maar wat krijg je eigenlijk voor dat geld? En wanneer is welke optie de betere keuze? In deze blog legt Leander Veerman, accountmanager bij Pneuman, het verschil uit tussen conventionele en digitale brandmeldpanelen. Zonder jargon, met praktische handvatten voor je keuze.
Een conventioneel brandmeldpaneel is een behuizing met een frontplaat. Daarop staat je gebouw weergegeven in 2D plattegronden, vaak een tekening per verdieping.
In het front zitten leds die gaan branden wanneer de brandmeldcentrale (BMC) een signaal afgeeft. Dat signaal loopt via een printplaat van de brandmeldcentrale (gemonteerd in het paneel) door bekabeling naar de led. Simpel, bewezen en al tientallen jaren de standaard.
Een digitaal brandmeldpaneel werkt anders. Het ontvangt signalen van de BMC via een dataverbinding. Een PC vertaalt die signalen naar een touchscreen met digitale plattegronden. Elke verdieping staat op een apart tabblad dat je op het scherm selecteert.
In plaats van printplaten krijg je een aparte behuizing met onder andere de PC, een UPS (om het paneel bij stroomstoring werkend te houden) en vaak een router. Via die router kun je op afstand meekijken in het paneel.
Conventionele panelen zijn niet voor niets de standaard. De meeste gebouwen hebben genoeg aan een aantal plattegronden en leds voor brand- en sprinklermeldingen. Deze panelen combineer je ook gemakkelijk met diverse bedieningsknoppen of schakelaars.
Een wijziging geef je aan met een tijdelijke "postzegel" of door het complete front te vervangen. Hierbij moet wel altijd een monteur langskomen om te schroeven, te boren of te solderen.
Conventioneel past goed bij een relatief overzichtelijk gebouw met weinig zones, waar de komende jaren weinig verandert.
Digitaal komt in beeld bij grotere of complexere gebouwen en terreinen, zoals ziekenhuizen, tankterminals, productiebedrijven en stations. De verdieping waar de melding vandaan komt verschijnt automatisch in beeld. Je ziet direct waar de brandweer naartoe moet en waar het publiek vandaan moet blijven.
Bij een conventioneel paneel met tientallen zones wordt het al snel groot en onoverzichtelijk. Bij digitaal blijft het compact en helder.
Complexe panden profiteren ook van functies die conventioneel niet biedt. Sprinkler- en blusgebieden die oplichten los van de brandzone, vooralarmen, deurstandsignaleringen of vluchtroutes in beeld. Maar je kunt ook informatie in real-time delen met de BHV via hun smartphone. En wanneer het paneel in rust is, kun je het gebruiken voor narrowcasting of interne meldingen.
Daarnaast zijn dit soort omgevingen vaak veranderlijk. Door de online verbinding voer je wijzigingen op afstand door. Geen monteur op locatie, niet boren, geen zichtbare sporen achteraf.
De aanschafkosten voor een conventioneel paneel zijn aanzienlijk lager dan voor een vergelijkbare digitale oplossing. Maar voor elke wijziging heb je een monteur nodig. Postzegels vervuilen na verloop van tijd het beeld. En bij een grote plattegrondwijziging moet het hele front vervangen worden.
Een digitaal paneel is een grotere investering. Daarnaast moet je rekening houden met service en onderhoud. In ruil daarvoor krijg je meer mogelijkheden, beter overzicht bij grotere objecten en wijzigingen op afstand zonder sporen.
Voor een stabiel gebouw zonder veel wijzigingen kan conventioneel voordeliger uitpakken. Voor een dynamische omgeving is digitaal op de lange termijn vaak goedkoper.
Conventioneel en digitaal zijn geen goed of fout. Het hangt af van de grootte van je gebouw, het aantal zones, hoe vaak er iets verandert en welke functionaliteiten je nodig hebt. Vraag je leverancier niet alleen naar de aanschafprijs, maar ook naar de kosten bij wijzigingen en het onderhoud tijdens de levensduur van het paneel.
Twijfel je welk type paneel bij jouw situatie past? Neem contact op voor een vrijblijvend gesprek.